Documenteren

Om ‘iets’ voor de toekomst vast te leggen zijn er diverse mogelijkheden. Denk aan het testament, een wilsverklaring of een niet-reanimerenpenning. Het vastleggen van wensen geeft rust voor jezelf, en is prettig voor de naasten.

Om de bezittingen na je overlijden te verdelen, kun je een testament opstellen. Dat kan bij een notaris. In het testament geef je aan wie de erfgenamen zijn en wie welk deel van je nalatenschap krijgt. Ook kun je regelen dat je partner bijvoorbeeld in het gezamenlijke huis kan blijven wonen. Of dat de (stief)kinderen pas hun erfdeel krijgen als je partner ook overleden is. Wil je specifieke zaken aan een bepaalde persoon nalaten, dan kun je dat in een legaat doen. Op die manier kun je ook geld achterlaten aan een goed doel. Wil je iets nalaten dat vooral emotionele waarde heeft voor een bepaalde persoon, dan valt dat in een codicil vast te leggen. Dat kan ook buiten het testament om.

Ook rondom de zorg in de laatste levensfase valt er het één en ander vast te leggen. In een wilsverklaring omschrijf je je wensen over de laatste levensfase, of over een bepaald aspect daarvan (bij voorbeeld over euthanasie of reanimatie). Ook kun je in de wilsverklaring aangeven welke mensen zijn gemachtigd om te bepalen welke medische zorg (wel of niet) gewenst is als hij zelf niet meer in staat is om beslissingen te nemen. Er bestaan verschillende soorten standaard wilsverklaringen, zoals van de Stichting Zorgverklaring en de Nederlandse Patiëntenvereniging (NPV). Het is ook mogelijk om zelf een wilsverklaring op te stellen. Er zijn namelijk geen wettelijke eisen voor wilsverklaringen. Als de tekst maar helder, eenduidig en voor slechts één uitleg vatbaar is. Ook moet de verklaring zijn voorzien van een datum en handtekening.

Naast een dergelijke verklaring kun je een behandelverbod invullen. Een behandelverbod valt eveneens onder de wilsverklaringen. Hierin wordt vastgelegd welke levensverlengende maatregelen je niet meer wil als je in een noodsituatie terecht komt en niet meer in staat bent aan te geven wat je van de hulpverleners verwacht. Het meeste bekende behandelverbod gaat over ‘niet reanimeren bij een hartstilstand’. Een variant daarop is de niet-reanimerenpenning. Dit is een korte verklaring voorzien van pasfoto, handtekening, naam en geboortedatum die je aan een halsketting kunt dragen. De penning is te bestellen bij de Patiëntenfederatie Nederland.

Artsen zijn verplicht zich aan de wilsverklaring en/of het behandelverbod te houden. Behalve als ze een goede reden kunnen geven, mogen ze er vanaf wijken. Ook de niet-reanimerenpenning, de Zorgverklaring en de NPV-Levenswensverklaring hebben die juridische waarde. Dat geldt echter niet voor het schriftelijke euthanasieverzoek (vaak ‘euthanasieverklaring’ genoemd) van de NVVE (Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde). Een arts kan dus niet verplicht worden een verzoek om euthanasie in te willigen.

Om de kans te vergroten dat de wensen uit de wilsverklaring worden uitgevoerd, is het verstandig dat patiënten hun naasten en de huisarts op de hoogte te stellen van het bestaan ervan. Nog beter is het om hierover met de huisarts in gesprek te gaan.

Voor meer achtergrondinformatie over zorgplanning, klik hier.

“Wie op vakantie gaat, bereidt zich voor. Zo kun je ook naar het levenseinde kijken. We gaan allemaal ooit een keer dood. Hoe kun je je daarop voorbereiden?”